Contact

Home

Jij gore crimiclown

Van Van Dale mag het plebs tot 15 december stemmen op het woord van het jaar. Wat er met het winnende woord gebeurt na verkiezing is mij niet geheel duidelijk, wel dat de winnaars van afgelopen jaren gebeurtenissen en uitspraken illustreren van Nederland in zijn meest tragische vorm: gedoogregering (2010), tuigdorp (2011), Project X-feest (2012).

Soms winnen er woorden die door jongeren al een tijd gebruikt worden en die vervolgens door hun oudere familieleden en/of politici die normaal onder een steen leven nét anders gebruikt worden. Ontvrienden bijvoorbeeld, in 2009 (“Nee, je blijft tijdens het eten aan tafel anders ontvriend ik je”), en vermoedelijk heeft iedereen onder de vijfentwintig wel eens met kromme tenen geluisterd naar een groep dertigplussers waarvan er één vol enthousiasme roept dat er nu iemand een selfie (2013) van ‘m moet maken. Als valse muziek, zo’n uitspraak, om over het resultaat (vijf mensen, één telefoon, iemand gilt: “waar is de wiefie”) maar niet te spreken. Wat ik wil zeggen: in 2008 won het woord swaffelen en daar zijn we nog maar net van bekomen. Nu staat fotobom op de lijst van genomineerde woorden en ik voorzie een ramp.

Van Dale biedt dit jaar tien woorden om uit te kiezen, en voor de overzichtelijkheid ook nog vijfentwintig andere woorden, verdeeld in vijf categorieën (jongerentaal, lifestyle, sport & amusement, economie en politiek), waarvan ik niet helemaal begrijp of die woorden nu óók Woord van het Jaar kunnen worden. Deze woorden zijn, met enige onderlinge overlap, ook onder te verdelen in andere categorieën.

De swingende exemplaren bijvoorbeeld, voor in je sinterklaasgedichten: wegkijkstaat, moestuinsocialisme, straatintimidatie. En de woorden die zo lelijk zijn dat je het liefst iemand pijn wilt doen als je ze hoort. Denk: twittie. Laagflatie. Vaak hangt die lelijkheid samen met totale onbegrijpelijkheid. Wat is in vredesnaam een spornoseksueel? Welke onverlaat haalt het in zijn hoofd om het Engelse can do te integreren in het monster kendoementaliteit? En, de allerergste: gendervakantie.

Gendervakantie? Google leert dat het woord drie keer gebruikt is in 2014. Eén keer op telegraaf.nl, één keer op een blog dat verwijst naar het Telegraafartikel en door Van Dale, die het woord zo enig vond dat het het ‘Woord van de Dag’ werd. Een gendervakantie is niet zoals je zou denken een safari langs diverse exotische transseksuelen, een tripje om je over je genderidentiteit te buigen of een reis waarin je geleidelijk van geslacht verandert, maar een uitstapje met alleen maar seksegenoten. Lekker vissen met je matties of make-uppen met je dinnies.

Enfin. Ik wil stemmen, want je kunt er een (gender?)uitje naar Zeeland mee winnen, maar ik ben er nog niet uit. Het liefst wil ik één stem uitbrengen op alle allitererende woorden. Gewoon zodat ik, de volgende keer als ik kwaad ben, voorzien zal zijn van voldoende verbale munitie: (jij gore) crimiclown, (jij vieze) facebookvoyeur, (jij godvergeten) saldosjoemelaar, (met je) kamikazecoalitie, (en je) pakkenproletariaat, (krijg toch een) vergeetverzoek (met je achterlijke) selfiestick. Met excuses aan iedereen onder de vijfentwintig, uiteraard. Ik word ook een dagje ouder.

Deze column staat ook in Advalvas.